(met dank aan Achterob)
Tijdens het googelen val ik onbedoeld midden in het leven van een in Kazachstan werkzame Nederlandse leerkracht, aangezien de zoekmachine mij doorstuurt naar zijn weblog ‘Achterob’. Ik land in maart 2007 en na vijf minuten lezen raak ik gefascineerd. Door het schrijftalent van Rob leest het als een trein, een goed boek dat je moeilijk weg kunt leggen. En het is allemaal nog waargebeurd ook. Ik heb het doorgaans niet zo op realitysoaps maar dit is er wel een op niveau. Dus ik lees door, maak opbloeiende liefdes mee, depressies en relatieperikelen, word deelgenoot van gezellige etentjes, drinkgelagen en spannende avonturen in Kazachstan en Kyrgizië. Andere werelden, maar ook veel herkenning. Zo heeft Rob net als ik niet zo erg veel met sport maar is hij wel gek op gepraat erover in een progamma zoals ‘Holland Sport’. Vind ik mezelf in zijn moeite met sommige vormen van alledaags onfatsoen. En hij maakt zich net zo boos als ik op het Nederlandse asielbeleid en de xenofobe ‘politici’ die het allemaal nog lang niet ver genoeg gaat.
Oppassen dat dit niet zo’n verslaving word zoals die van fervente kijkers naar bijvoorbeeld ‘As the World Turns’. Na de vakantie in één avond alle gemiste afleveringen kijken, dat soort dingen. Zo’n blog is natuurlijk ook maar deels uitgesponnen. Vanzelf gaat zo’n Achterob niet álle details prijsgeven. Wat dan wél weer betekent dat je als bloglezer met de nodige vragen blijft zitten. Hoe is het inmiddels met A? Zou er nog nieuws zijn van de Jonge Honden? Hoe ontwikkelt de relatie met J. zich en hoe is het ondertussen eigenlijk met de kunstenaar (B?) die gelijktijdig met J. in beeld kwam als ik het me tenminste goed herinner. Is die container uit Almaty trouwens nog heelhuids in Bejing aangekomen? Om er maar een paar te noemen.
Dankzij Google en Achterob – die daarmee recht heeft op de eerste positie in mijn ‘Blogroll’ (rolt me steeds lekkerder van de tong) – ben ik met mijn neus gedrukt op het fenomeen blog. Toch wel geluk gehad dat Achterob zo aangenaam wordt geschreven. Want ik heb inmiddels geconstateerd dat heel wat blogs podia zijn voor nogal merkwaardig getoeter, om het aardig uit te drukken. Hoe dan ook, voor een lang sluimerend schrijf- en ordenproject (waar al heel wat materiaal voor ligt te wachten) is de blog een prima vehikel, heb ik besloten. Kan ik daar eindelijk eens mee aan de gang. En het reguliere dagboekgeschrijf – dat in belangrijke mate is ingegeven door mijn zeer selectieve geheugen (als ik ooit verdachte ben in een strafzaak en moet vertellen waar ik vorige week woensdag om kwart over elf ’s avonds was hang ik, als ik het niet meteen ergens heb genoteerd) – kan ik misschien wel net zo goed op internet plegen. Wie zal het merken, tussen al dat andere bloggeweld?
Welkom op Peeslog!